De ongeveer 10.000 voornamelijk grondgebonden eengezinswoningen van Leystromen zijn te vinden in veel plattelandsgemeenten van Noord-Brabant. Projectleider Mirjam van den Broek werkt al een aantal jaren actief aan het verduurzamingsprogramma van de corporatie. Maarten van Beek van Atriensis stelde voor veel complexen van Leystromen de plannen op. De aanpak van de corporatie is te typeren als sober en doelmatig. Daarbij een sterk accent op klantsturing. Is de huidige werkwijze voldoende om aardgas over enkele decennia helemaal in de ban te doen? Relatief kleine stappen of juist meer rigoureuze ingrepen? Klantgestuurde aanpak of koersen op ingrepen in complete complexen en blokken?

Even is er verwarring. Dit is toch het juiste adres? Is Leystromen het afgelopen jaar verhuisd? Gelukkig hebben we ons niet vergist. Mirjam van den Broek van de Brabantse corporatie Leystromen kan er wel om lachen. ‘We hebben ons kantoor het afgelopen jaar ingrijpend verbouwd. Vanwege ons uitgestrekte werkgebied waren er nog twee andere kantoren. Deze maakten plaats voor eenvoudige loketten voor huurders.’
De entreehal weerspiegelt Brabantse gastvrijheid. Verder een open kantoor met flexplekken en een zakelijke uitstraling. Hoe duurzaam is het verbouwde kantoor? ‘Het belangrijkste is dat wij twee kantoren afstootten. Per medewerker gebruiken we nu veel minder ruimte. Licht schakelt automatisch aan en uit op basis van beweging. Op het dak zonnepanelen om ons stroomverbruik te verlagen.’
Hoe kijkt adviseur Maarten van Beek naar de verduurzaming van het woningbezit door Leystromen? ‘Ik typeer de aanpak als nuchter’, aldus van Beek. ‘Bij mijn advisering merk ik dat Leystromen verduurzaming integraal bekijkt. Niet alleen isoleren en zonnepanelen. Alle facetten komen aan bod. Is het binnenklimaat ook op orde? Zijn onderhoudsgebreken meteen opgelost? Maar ook toetst Leystromen of maatregelen toekomstbestendig zijn.’ Mirjam van den Broek kan dat beamen: ‘Nieuwe bouwdelen in bestaande woningen hebben meteen het hoge isolatieniveau van nieuwbouw. Bij dakvervanging zorgt Leystromen voor een flinke overstek zodat toekomstige buitengevelisolatie niet om allerlei nieuwe dakdetails vraagt.’
Sober en doelmatig. Grote aantallen woningen die steeds een relatief kleine verduurzamingsingreep krijgen. Een klantgestuurde aanpak waarbij afdwingen niet in het vocabulaire voorkomt. Zijn dat ingreepniveau en proces wel afgestemd op het grotere doel van energieneutraliteit in 2050? Van den Broek is hier nog niet van overtuigd: ‘Gelukkig zijn onze verbeteringsplannen jaar voor jaar ambitieuzer. Van label C als doel naar label B en inmiddels steeds vaker label A. Ik denk toch wel dat het rigoureuzer moet. De lat mag hoger. Het overslaan van bouwdelen of complete woningen is in de toekomst waarschijnlijk geen optie meer. Particulieren bij gespikkeld bezit moeten aanhaken.

Ook denk ik dat de keuze bij verduurzamingsvraagstukken in de toekomst vaker op complete vervanging uitdraait. Bij bouwdelen, maar misschien ook bij complete woningblokken. Verkoop van slecht geïsoleerde woningen mag zeker geen oplossing voor corporaties zijn. Dan zadel je mensen met een kleine portemonnee ermee op.’
Meer tempo. Woningen in één keer energieneutraal renoveren in plaats van stap voor stap? Zou dat dan geen betere keuze voor Leystromen zijn? Van Beek heeft daar een andere kijk op. ‘In mijn werk zie ik grote verschillen in de aanpak van verduurzaming tussen corporaties onderling. Misschien zit Leystromen dan niet in de kopgroep. Maar toch zeker wel voor in het peloton. De bewustwording in de sector kan nog beter. Hoe ziet de stip aan de horizon in 2050 eruit? Halen we onderweg gemiddeld energielabel B in 2020 en energielabel A in 2030? Hoeveel meer ambitie in projecten?’ Maarten van Beek sluit af: ‘Ineens naar nul-op-de-meter is voor veruit de meeste woningen van Leystromen een brug te ver. Beter is het om dat in twee of drie stappen te doen. Dat kan prima zonder desinvesteringen.’
Na afloop van het interview op het kantoor van Leystromen kunnen Mirjam van den Broek en Maarten van Beek het niet laten om de recent verbeterde complexen samen te bezichtigen. ‘De meeste isolatiemaatregelen zijn relatief onzichtbaar’, stelt van Beek. ‘Maar je ziet meteen aan het schilderwerk en de verzorgde detaillering dat de woningen een opknapbeurt kregen.’ Hilariteit wanneer blijkt dat de netbeheerder in een straat met onlangs geïsoleerde woningen aan de slag is. Niet vanwege de plaatsing van de slimme gas- en elektriciteitsmeters, maar vanwege de vervanging van het gasnet in de straat.’ Van den Broek begrijpt het wel: ‘De transformatie naar energieneutraliteit gaat stap voor stap. Ook na onze isolatiemaatregelen kunnen onze woningen nog niet zonder gas. Je ziet in deze wijk aan de afwijkende voordeuren dat wij vaak geen aaneengesloten bezit hebben. Particulieren moeten ook in beweging komen. Ik denk dat we nog tientallen jaren nodig hebben voordat het gasnet verdwijnt.’

Als directeur van Atriensis wijken heeft Maria Scholten zichzelf in korte tijd wegwijs gemaakt in de wereld van de warmtetransitie. Processen in de warmtetransitie kennen vele belanghouders, zijn complex en vaak zijn er in één wijk meerdere woningcorporaties actief. Maria vindt het belangrijk om woningcorporaties onderling te verbinden en te zorgen voor gezamenlijke standpunten, zodat zij samen sterk staan. Hiervoor zijn onderling vertrouwen en het gezamenlijk opbouwen en delen van kennis een belangrijke basis. Vervolgens is ook het verbinden van de woningcorporaties met de overige belanghouders zoals gemeenten, netbeheerders en warmtebedrijven essentieel. Maria draagt haar praktijkervaring, kennis en enthousiasme over de warmtetransitie met veel plezier, energie en een frisse blik over.
Maria Scholten: ‘Het realiseren van betaalbare en comfortabele aardgasvrije woningen voor woningcorporaties en huurders is een prachtige uitdaging om aan te werken. Voldoende kennis bij de verschillende stakeholders is hiervoor een belangrijke basis. Daarom vind ik het heel belangrijk om mijn kennis in dit domein op een inspirerende manier te delen.’
Met een achtergrond als architect zoekt Dave van der Helm, in zijn rol als directeur van Atriensis data, altijd op creatieve wijze naar oplossingen voor verschillende vraagstukken in de sociale woningbouw. Met zijn brede ervaring op het gebied van energielabels en aanverwante aspecten rondom energieprestatie begrijpt Dave de uitdagingen én kansen voor woningcorporaties op dit vlak als geen ander. Hij heeft het energielabel zien transformeren van verplichting naar versneller van innovatie en verduurzaming. Dave is een groot voorstander van samenwerking om gezamenlijk tot slimmere oplossingen te komen. Juist op het gebied van vastgoeddata waar de basis ligt voor verduurzaming. De laatste jaren richt Dave zich in het bijzonder op de digitalisering van vastgoeddata en deelt graag zijn inzichten en ervaringen op dit gebied.
‘De sociale huursector is van onschatbare waarde voor onze samenleving. Maatschappelijke impact en verduurzaming komen hier samen. Ik vind het belangrijk om mijn kennis over energielabels, vastgoeddata en digitalisering actief te delen, zodat we met elkaar tot betere en slimmere oplossingen komen. Door inzichten uit de praktijk te koppelen aan data kunnen we als sector echt versnellen – en daar graag ik graag mijn steentje aan bij.’
Met passie voor volkshuisvesting, energieprestatie en energietransitie werkt Arjan van Helvoort al meer dan een decennium bij Atriensis aan comfortabele, kwalitatieve en betaalbare huurwoningen. Als partner van woningcorporaties, met ketenpartners, voor huurders. Met een integrale visie op duurzaamheid en oog voor alle verschillende belangen. Ambitie, praktische uitvoerbaarheid en betaalbaarheid staan voorop in zijn projecten. Resultaatgericht en pragmatisch. De expertise van Arjan ligt in het verbinden van technische kennis met strategische inzichten, waardoor complexe projecten soepel en succesvol worden uitgevoerd.
Arjan van Helvoort: ‘De opgave is immens en wordt steeds complexer. De uitdaging is vraagstukken en oplossingen eenvoudig te houden. Werken aan en vanuit een gezamenlijk belang en doel. Het welzijn van de huurder voorop. Atriensis helpt opdrachtgevers in het maken van de juiste afwegingen en verbindt ze met partijen uit ons netwerk als dat nodig is. Hierin deel ik graag mijn kennis en expertise. Samen kunnen we de energietransitie versnellen en een duurzame toekomst creëren.'
Al bijna dertig jaar werkt Hella Maessen met passie aan duurzaam en gezond wonen binnen de sociale huursector. Door haar grote betrokkenheid en haar actuele kennis van ontwikkelingen in de sector helpt zij corporaties om goed voorbereid te zijn op de warmtetransitie en andere verduurzamingsopgaven. De warmtetransitie is een enorme uitdaging voor corporaties. Die uitdaging aangaan vraagt om kennis bij corporaties en alle ketenpartners. Met haar kritische blik, heldere uitleg en enthousiasme draagt Hella haar kennis graag over.
Hella Maessen: ‘In Nederland hebben we een mooie sociale huursector. Daar moeten we trots en zuinig op zijn. Ik werk daar graag aan mee. Door actuele kennis te delen en duidelijk over te brengen, kunnen we echte stappen zetten in de verduurzaming. Samen zorgen we dat ook in de toekomst iedereen betaalbaar en goed kan wonen.’
Dyon Noy is al ruim veertig jaar actief binnen de sociale huursector. Als oprichter van Atriensis en met zijn jarenlange ervaring in de sector kent hij de wereld van woningcorporaties als geen ander. Zelf is hij groot voorstander van het delen van kennis om daar samen van te leren. De laatste jaren houdt Dyon zich vooral bezig met advisering over het aardgasvrij maken van hele wijken en buurten. De kennis en praktijkervaringen die hij hierbij heeft opgedaan, brengt hij graag met passie en enthousiasme over.
Dyon Noy: ‘Werken in de sociale huursector is en blijft het mooiste wat er is. Comfortabele en betaalbare woningen realiseren voor huurders. Echter, lopen woningcorporaties en ketenpartners tegen ontzettend veel uitdagingen aan. Vanuit Atriensis delen wij graag onze kennis en expertise om die uitdagingen aan te gaan en te werken aan oplossingen.’
Tijdens de inspirerende en interactieve kennisbijeenkomst op donderdag 28 maart 2024 van 15.00 tot 17.00 uur staat de enorme uitdaging op financieel vlak centraal. Hierbij komen verschillende invalshoeken aan bod. Zo belicht Reynt Sluis, coördinerend specialistisch adviseur, het perspectief van de Autoriteit woningcorporaties: de toezichthouder van de sector. Diana de Koning, MT-lid bij het WSW, gaat op de uitdagingen van de sector in vanuit het perspectief van de ‘borger’ van de corporatiefinanciering. Victor Burger, partner bij sectorspecialist Finance Ideas, deelt zijn uitgesproken opvattingen over de opgaven van corporaties versus de financiële polsstok. Alle inleiders gaan afzonderlijk, met elkaar en ook met de deelnemers op een drietal vragen in:
Hoe zorg je voor een duurzaam prestatiemodel voor de verduurzamingsopgave? Kosten zijn fors gestegen, veel verduurzamingsmaatregelen leiden tot extra exploitatielasten en er zijn praktisch geen mogelijkheden voor extra inkomsten
Hoe zorg je voor flexibiliteit tussen de verschillende Nationale Prestatieafspraken onderling? Prognoses komen blijkens de Staat van de corporatiesector 2023 te vaak niet uit. Tegenvallers bij sommige opgaven die tot versnelling leiden bij andere opgaven
Hoe zorg je voor optimale lokale samenwerking rondom de verduurzamingsopgave? Hoe kan lokale samenwerking tot meer resultaat rondom de verduurzamingsopgave leiden? De betekenis van de IBW en de lokale prestatieafspraken
n.t.b.