De Woonplaats verhuurt zo’n 17.000 woningen in Enschede en de oostelijke Achterhoek. Ongeveer evenveel gestapelde woningen als eengezinswoningen. Veel woningen die al ouder dan vijftig jaar zijn. Daarbij een ontspannen woningmarkt en daarmee veel uitdagingen. De ambities spatten van de website van De Woonplaats af. Bewoners echt centraal. Een perfecte balans tussen ecologische, economische en sociale belangen. Met daarnaast veel ruimte voor innovatie. Bestuurder van De Woonplaats is Frans Kooiker. Hij leidt Sandra Berenst van Atriensis rond in een compleet vernieuwde wijk van De Woonplaats. Volgen de daden de mooie woorden van de website?

Frans Kooiker, bestuurder van De Woonplaats, staat erop om het gesprek in een herstructureringswijk van De Woonplaats in Enschede te beginnen. Druk gesticulerend en vol trots wijst hij Sandra Berenst, teammanager bij Atriensis, op allerlei oplossingen in het compleet vernieuwde woongebied links van de ontsluitingsweg waar de wandeling begint. Maar rechts van de weg is de oorspronkelijke naoorlogse wijk nog volledig intact. De bouwblokken staan strak in het gelid van een stempelpatroon. Veel eenvormigheid, kleine woningen en een versleten uitstraling. Het contrast met het vernieuwde gebied kan niet groter zijn. Is de voorbereiding hiervoor al gestart? Kooiker lacht: ‘Die vraag krijg ik vaker. Maar dat deel van de wijk is niet van De Woonplaats, maar van een collega-corporatie die er mee aan de slag zal gaan.’
Sandra Berenst heeft haar eigen observaties. ‘Naoorlogse wijken hebben van oorsprong veel kwaliteit. Fraai openbaar groen, dicht bij het stadscentrum en met prima voorzieningen. Dat zie je ook hier in het gehandhaafde deel. Maar je ziet wel dat het slijt. Kleine en hokkerige woningen. De oorspronkelijke gedachte van een gemengde bevolkingsopbouw is mooi,maar verleden tijd. Dat lees je wel af aan de armetierige uitstraling.’ We slaan linksaf en wandelen het nieuwbouwgebied van De Woonplaats binnen. Berenst wijst naar voordeuren. ‘Zowel blokken met huurwoningen als koopwoningen. De Woonplaats heeft duidelijk op diversiteit ingezet. Overduidelijk geen rigide beeldkwaliteitsplan. Geen blok is hetzelfde.’
‘Dan is onze opzet geslaagd’, aldus Frans Kooiker. Kooiker wijst intussen op bijzonderheden in het nieuwbouwgebied. Van plaatsing van kozijnen in de gevel, tuinafscheidingen en speelplekken tot aan positionering van parkeerplaatsen. ‘Dat is allemaal ingebracht door bewoners. Niet voor niets ben ik het meest trots op de bewonersparticipatie. Te vaak maken corporaties plannen, overtuigen minstens 70% van de bewoners, waarna iedereen mee moet doen. Zowel de gemeente vanuit de verantwoordelijkheid van het openbare gebied als wij voor de woningen, gaven het complete programma van eisen uit handen. Niet alleen aan de oorspronkelijke bewoners, maar ook aan woningzoekenden en omwonenden van de wijk. Bewoners kozen hierna zelf de bedrijven die het beste hun wensen in concrete plannen vertaalden.’

Met de hybride auto van Kooiker wordt naar het kantoor van De Woonplaats gereden. Is daaruit op te maken dat Kooiker in zijn privéleven duurzaamheid hoog in het vaandel heeft? ‘Niets meer dan anderen. Wel denk ik goed na over grondstoffen. Ik scheid afval, ik koop niets wat ik niet echt nodig heb. Spullen die ik niet meer nodig heb, probeer ik altijd te herbestemmen.’ Sandra Berenst zoekt parallellen: ‘Maar als je dan zo’n groot gebied sloopt, Frans, dan gaat het om heel veel sloopafval. Wat doet De Woonplaats daaraan?’ Kooiker reageert schuldbewust: ‘Sloopmaterialen hebben we maar deels hergebruikt. Natuurlijk kan dat veel beter. Op het gebied van grondstoffen en hergebruik valt nog veel te leren. Aan de andere kant werken wij nu aan een concrete pilot van vijf woningen die we helemaal circulair bouwen. Een samenwerking met Twentse partijen zodat het leereffect optimaal is.’
Waar elders samenwerking tussen corporaties vaak lastig ontstaat, lijken Twentenaren daar weinig last van de hebben. Sandra Berenst bevestigt: ‘Ik ervaar die samenwerking in Twente als uniek. Niet alleen corporaties onderling, maar ook gemeenten, bedrijfsleven en onderwijs. Samen leren in de praktijk. Vaak met lef. En dat brengt veel vernieuwing.’ Frans Kooiker denkt dat die grondhouding veel met de Twentse cultuur te maken heeft. ‘Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. Twentenaren doen het eerst en zeggen daarna pas dat ze het gedaan hebben. Borstklopperij past daar niet bij. Vanuit die bescheidenheid is het niet bedreigend om intensief samen te werken of zelfs om af en toe op je bek je gaan.’
Twente energieneutraal in 2050. Zijn de condities op orde? Frans Kooiker signaleert een groot dilemma. ‘De waan van de dag regeert. Ook op duurzaamheidsgebied. Corporaties krijgen allerlei doelstellingen voor de korte termijn. En dat staat bijna altijd op gespannen voet met uitgekiend beleid dat zorgt voor energieneutraliteit op langere termijn. Wij hebben alleen baat bij een stabiele omgeving waar oprecht vertrouwen is dat wij dit varkentje als vastgoedspecialisten heus wel zelf kunnen wassen. Laat het ons bewijzen en je zult zien dat allerlei anderen zich hieraan optrekken. Denk bijvoorbeeld aan commerciële verhuurders en particulieren.’ Sandra Berenst vat treffend samen: ‘Gun de sector haar eigen vliegwiel.’

Als directeur van Atriensis wijken heeft Maria Scholten zichzelf in korte tijd wegwijs gemaakt in de wereld van de warmtetransitie. Processen in de warmtetransitie kennen vele belanghouders, zijn complex en vaak zijn er in één wijk meerdere woningcorporaties actief. Maria vindt het belangrijk om woningcorporaties onderling te verbinden en te zorgen voor gezamenlijke standpunten, zodat zij samen sterk staan. Hiervoor zijn onderling vertrouwen en het gezamenlijk opbouwen en delen van kennis een belangrijke basis. Vervolgens is ook het verbinden van de woningcorporaties met de overige belanghouders zoals gemeenten, netbeheerders en warmtebedrijven essentieel. Maria draagt haar praktijkervaring, kennis en enthousiasme over de warmtetransitie met veel plezier, energie en een frisse blik over.
Maria Scholten: ‘Het realiseren van betaalbare en comfortabele aardgasvrije woningen voor woningcorporaties en huurders is een prachtige uitdaging om aan te werken. Voldoende kennis bij de verschillende stakeholders is hiervoor een belangrijke basis. Daarom vind ik het heel belangrijk om mijn kennis in dit domein op een inspirerende manier te delen.’
Met een achtergrond als architect zoekt Dave van der Helm, in zijn rol als directeur van Atriensis data, altijd op creatieve wijze naar oplossingen voor verschillende vraagstukken in de sociale woningbouw. Met zijn brede ervaring op het gebied van energielabels en aanverwante aspecten rondom energieprestatie begrijpt Dave de uitdagingen én kansen voor woningcorporaties op dit vlak als geen ander. Hij heeft het energielabel zien transformeren van verplichting naar versneller van innovatie en verduurzaming. Dave is een groot voorstander van samenwerking om gezamenlijk tot slimmere oplossingen te komen. Juist op het gebied van vastgoeddata waar de basis ligt voor verduurzaming. De laatste jaren richt Dave zich in het bijzonder op de digitalisering van vastgoeddata en deelt graag zijn inzichten en ervaringen op dit gebied.
‘De sociale huursector is van onschatbare waarde voor onze samenleving. Maatschappelijke impact en verduurzaming komen hier samen. Ik vind het belangrijk om mijn kennis over energielabels, vastgoeddata en digitalisering actief te delen, zodat we met elkaar tot betere en slimmere oplossingen komen. Door inzichten uit de praktijk te koppelen aan data kunnen we als sector echt versnellen – en daar graag ik graag mijn steentje aan bij.’
Met passie voor volkshuisvesting, energieprestatie en energietransitie werkt Arjan van Helvoort al meer dan een decennium bij Atriensis aan comfortabele, kwalitatieve en betaalbare huurwoningen. Als partner van woningcorporaties, met ketenpartners, voor huurders. Met een integrale visie op duurzaamheid en oog voor alle verschillende belangen. Ambitie, praktische uitvoerbaarheid en betaalbaarheid staan voorop in zijn projecten. Resultaatgericht en pragmatisch. De expertise van Arjan ligt in het verbinden van technische kennis met strategische inzichten, waardoor complexe projecten soepel en succesvol worden uitgevoerd.
Arjan van Helvoort: ‘De opgave is immens en wordt steeds complexer. De uitdaging is vraagstukken en oplossingen eenvoudig te houden. Werken aan en vanuit een gezamenlijk belang en doel. Het welzijn van de huurder voorop. Atriensis helpt opdrachtgevers in het maken van de juiste afwegingen en verbindt ze met partijen uit ons netwerk als dat nodig is. Hierin deel ik graag mijn kennis en expertise. Samen kunnen we de energietransitie versnellen en een duurzame toekomst creëren.'
Al bijna dertig jaar werkt Hella Maessen met passie aan duurzaam en gezond wonen binnen de sociale huursector. Door haar grote betrokkenheid en haar actuele kennis van ontwikkelingen in de sector helpt zij corporaties om goed voorbereid te zijn op de warmtetransitie en andere verduurzamingsopgaven. De warmtetransitie is een enorme uitdaging voor corporaties. Die uitdaging aangaan vraagt om kennis bij corporaties en alle ketenpartners. Met haar kritische blik, heldere uitleg en enthousiasme draagt Hella haar kennis graag over.
Hella Maessen: ‘In Nederland hebben we een mooie sociale huursector. Daar moeten we trots en zuinig op zijn. Ik werk daar graag aan mee. Door actuele kennis te delen en duidelijk over te brengen, kunnen we echte stappen zetten in de verduurzaming. Samen zorgen we dat ook in de toekomst iedereen betaalbaar en goed kan wonen.’
Dyon Noy is al ruim veertig jaar actief binnen de sociale huursector. Als oprichter van Atriensis en met zijn jarenlange ervaring in de sector kent hij de wereld van woningcorporaties als geen ander. Zelf is hij groot voorstander van het delen van kennis om daar samen van te leren. De laatste jaren houdt Dyon zich vooral bezig met advisering over het aardgasvrij maken van hele wijken en buurten. De kennis en praktijkervaringen die hij hierbij heeft opgedaan, brengt hij graag met passie en enthousiasme over.
Dyon Noy: ‘Werken in de sociale huursector is en blijft het mooiste wat er is. Comfortabele en betaalbare woningen realiseren voor huurders. Echter, lopen woningcorporaties en ketenpartners tegen ontzettend veel uitdagingen aan. Vanuit Atriensis delen wij graag onze kennis en expertise om die uitdagingen aan te gaan en te werken aan oplossingen.’
Tijdens de inspirerende en interactieve kennisbijeenkomst op donderdag 28 maart 2024 van 15.00 tot 17.00 uur staat de enorme uitdaging op financieel vlak centraal. Hierbij komen verschillende invalshoeken aan bod. Zo belicht Reynt Sluis, coördinerend specialistisch adviseur, het perspectief van de Autoriteit woningcorporaties: de toezichthouder van de sector. Diana de Koning, MT-lid bij het WSW, gaat op de uitdagingen van de sector in vanuit het perspectief van de ‘borger’ van de corporatiefinanciering. Victor Burger, partner bij sectorspecialist Finance Ideas, deelt zijn uitgesproken opvattingen over de opgaven van corporaties versus de financiële polsstok. Alle inleiders gaan afzonderlijk, met elkaar en ook met de deelnemers op een drietal vragen in:
Hoe zorg je voor een duurzaam prestatiemodel voor de verduurzamingsopgave? Kosten zijn fors gestegen, veel verduurzamingsmaatregelen leiden tot extra exploitatielasten en er zijn praktisch geen mogelijkheden voor extra inkomsten
Hoe zorg je voor flexibiliteit tussen de verschillende Nationale Prestatieafspraken onderling? Prognoses komen blijkens de Staat van de corporatiesector 2023 te vaak niet uit. Tegenvallers bij sommige opgaven die tot versnelling leiden bij andere opgaven
Hoe zorg je voor optimale lokale samenwerking rondom de verduurzamingsopgave? Hoe kan lokale samenwerking tot meer resultaat rondom de verduurzamingsopgave leiden? De betekenis van de IBW en de lokale prestatieafspraken
n.t.b.