Wekelijks is Jan Manders, projectadviseur bij Atriensis, te vinden in het werkgebied van Rhenam Wonen. Een groen en glooiend landschap waar hij de weg inmiddels goed kent. Rhenen, Elst, Achterberg, Amerongen, Maarn, Overberg en Leersum zijn de plaatsen waar Rhenam Wonen actief is. Allemaal bekend terrein voor Manders. Al geruime tijd ondersteunt hij deze corporatie met circa 2.900 sociale woningen bij de verduurzamingsopgave. Dit keer geen inspectie of reguliere vergadering, maar een gesprek met Wieke van Veldhuizen, directeur-bestuurder bij Rhenam Wonen. Zij trad medio 2022 aan en maakte zich de organisatie, het werkgebied en alle lopende zaken snel eigen.

We leven in een dynamische tijd’, steekt Wieke van Veldhuizen, directeurbestuurder bij Rhenam Wonen, van wal. Ze vervolgt: ‘Van corporaties wordt terecht veel verwacht. Extra woningen realiseren, het liefst waar goede zorg te leveren is met het oog op de vergrijzing. Bestaande woningen verduurzamen en oog voor leefbaarheid. En bij dit alles natuurlijk de betaalbaarheid van het wonen in de gaten houden. Er is genoeg te doen. Rhenam Wonen heeft financieel altijd goed gepresteerd, we zaten ruim in ons jasje. Dat is nu snel aan het kantelen. We investeren graag in de realisatie van extra woningen en het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad. Maar ook ons jasje gaat knellen bij het veelvoud aan opgaven dat op ons bordje ligt. Dat zie je overigens in de hele sector.’
‘En dan hebben we bij Rhenam Wonen te maken met een relatief gunstige uitgangspositie. Een woningvoorraad met een redelijke basiskwaliteit en weinig monumentaal bezit. Wat dat betreft is er geen inhaalslag nodig. Daarnaast is door mijn voorgangers al relatief vroeg ingezet op een verduurzamingsprogramma. Daar plukken we nu de vruchten van. Met dat lopende programma komen alle woningen met een energielabel E, F of G vóór 2028 al aan de beurt voor verduurzaming. Dat neemt overigens niet weg dat wij niet kritisch hoeven te kijken naar onze portefeuillestrategie en de programmering. We zitten nog midden in het proces om alle nieuwe ontwikkelingen te implementeren in ons beleid’, aldus Van Veldhuizen.
‘Prettig is daarbij dat we een goede basis hebben met ons verduurzamingsprogramma. Een ketensamenwerking met een aantal vaste partners’, vervolgt Van Veldhuizen. Jan Manders beaamt dit: ‘Het proces loopt hier als een geoliede machine, als een stoomtreintje.’ Waarbij hij grapt: ‘Allemaal fossiele termen overigens. Moeten we daar niet eens wat anders op verzinnen?’ Manders vervolgt: ‘Zonder gekheid, de samenwerking zoals ik die met Rhenam Wonen en haar ketenpartners ervaar, is wat mij betreft wel een voorbeeld voor andere corporaties. Niet voor elk project opnieuw een aanbesteding, maar een projectteam dat de betrokken organisaties overstijgt en goed op elkaar is ingespeeld. Dat levert tijd en geld op. Door gewoon slim samen te werken met elkaar.’

‘Op deze manier kunnen we echt meters maken’, beaamt Van Veldhuizen. ‘Jaarlijks verduurzamen we in deze samenwerking 150 van onze woningen. Voor een corporatie met een beperkt werkapparaat zoals het onze is dat een flink tempo. Tegelijkertijd moeten we wel scherp blijven op de samenwerking. Niet alleen op financiën of techniek, maar ook op processen en bewonerscommunicatie. En daarbij, tijden veranderen. Hoe borgen we dat we in een samenwerking zoals deze alle innovaties en voortschrijdende inzichten een plek geven? Dat vraagt om een blijvend proactieve houding en lerend vermogen van alle betrokkenen.’
‘Want ook bij ons gaat er wel eens wat mis. En daar moeten ook wij van leren. Al met al ben ik trots op hoe dit proces in elkaar zit en wat we voor elkaar krijgen met een beperkte capaciteit’, besluit Van Veldhuizen. Manders bevestigt dit: ‘De basis is goed, maar niets is zo goed dat het niet beter kan. En met alle veranderingen blijft het zaak om scherp te blijven op de keuzes die je hierin als corporatie hebt. Hoe implementeer je de Standaard? Hoe ga je om met de aangekondigde verplichte toepassing van hybride warmtepompen? Ik besef me heel goed dat Rhenam Wonen elke euro maar een keer kan uitgeven. Bij elk verbeterplan vraag ik me af: Welke combinatie van maatregelen levert het meeste op voor de huurders?’
Desgevraagd licht Manders toe hoe hij deze afweging voor zijn thuissituatie maakt: ‘Ook voor mijn eigen woning ga ik uitdagingen niet uit de weg. Ik weet als geen ander hoe ik de energetische kwaliteit kan verbeteren. Weg met slecht geïsoleerde bouwdelen. Maar ook dan weeg ik zorgvuldig af welke combinatie van maatregelen ik in welke volgorde doorvoer. Net zoals elke corporatie wil ik de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk inzetten om doelen te bereiken.’

Als directeur van Atriensis wijken heeft Maria Scholten zichzelf in korte tijd wegwijs gemaakt in de wereld van de warmtetransitie. Processen in de warmtetransitie kennen vele belanghouders, zijn complex en vaak zijn er in één wijk meerdere woningcorporaties actief. Maria vindt het belangrijk om woningcorporaties onderling te verbinden en te zorgen voor gezamenlijke standpunten, zodat zij samen sterk staan. Hiervoor zijn onderling vertrouwen en het gezamenlijk opbouwen en delen van kennis een belangrijke basis. Vervolgens is ook het verbinden van de woningcorporaties met de overige belanghouders zoals gemeenten, netbeheerders en warmtebedrijven essentieel. Maria draagt haar praktijkervaring, kennis en enthousiasme over de warmtetransitie met veel plezier, energie en een frisse blik over.
Maria Scholten: ‘Het realiseren van betaalbare en comfortabele aardgasvrije woningen voor woningcorporaties en huurders is een prachtige uitdaging om aan te werken. Voldoende kennis bij de verschillende stakeholders is hiervoor een belangrijke basis. Daarom vind ik het heel belangrijk om mijn kennis in dit domein op een inspirerende manier te delen.’
Met een achtergrond als architect zoekt Dave van der Helm, in zijn rol als directeur van Atriensis data, altijd op creatieve wijze naar oplossingen voor verschillende vraagstukken in de sociale woningbouw. Met zijn brede ervaring op het gebied van energielabels en aanverwante aspecten rondom energieprestatie begrijpt Dave de uitdagingen én kansen voor woningcorporaties op dit vlak als geen ander. Hij heeft het energielabel zien transformeren van verplichting naar versneller van innovatie en verduurzaming. Dave is een groot voorstander van samenwerking om gezamenlijk tot slimmere oplossingen te komen. Juist op het gebied van vastgoeddata waar de basis ligt voor verduurzaming. De laatste jaren richt Dave zich in het bijzonder op de digitalisering van vastgoeddata en deelt graag zijn inzichten en ervaringen op dit gebied.
‘De sociale huursector is van onschatbare waarde voor onze samenleving. Maatschappelijke impact en verduurzaming komen hier samen. Ik vind het belangrijk om mijn kennis over energielabels, vastgoeddata en digitalisering actief te delen, zodat we met elkaar tot betere en slimmere oplossingen komen. Door inzichten uit de praktijk te koppelen aan data kunnen we als sector echt versnellen – en daar graag ik graag mijn steentje aan bij.’
Met passie voor volkshuisvesting, energieprestatie en energietransitie werkt Arjan van Helvoort al meer dan een decennium bij Atriensis aan comfortabele, kwalitatieve en betaalbare huurwoningen. Als partner van woningcorporaties, met ketenpartners, voor huurders. Met een integrale visie op duurzaamheid en oog voor alle verschillende belangen. Ambitie, praktische uitvoerbaarheid en betaalbaarheid staan voorop in zijn projecten. Resultaatgericht en pragmatisch. De expertise van Arjan ligt in het verbinden van technische kennis met strategische inzichten, waardoor complexe projecten soepel en succesvol worden uitgevoerd.
Arjan van Helvoort: ‘De opgave is immens en wordt steeds complexer. De uitdaging is vraagstukken en oplossingen eenvoudig te houden. Werken aan en vanuit een gezamenlijk belang en doel. Het welzijn van de huurder voorop. Atriensis helpt opdrachtgevers in het maken van de juiste afwegingen en verbindt ze met partijen uit ons netwerk als dat nodig is. Hierin deel ik graag mijn kennis en expertise. Samen kunnen we de energietransitie versnellen en een duurzame toekomst creëren.'
Al bijna dertig jaar werkt Hella Maessen met passie aan duurzaam en gezond wonen binnen de sociale huursector. Door haar grote betrokkenheid en haar actuele kennis van ontwikkelingen in de sector helpt zij corporaties om goed voorbereid te zijn op de warmtetransitie en andere verduurzamingsopgaven. De warmtetransitie is een enorme uitdaging voor corporaties. Die uitdaging aangaan vraagt om kennis bij corporaties en alle ketenpartners. Met haar kritische blik, heldere uitleg en enthousiasme draagt Hella haar kennis graag over.
Hella Maessen: ‘In Nederland hebben we een mooie sociale huursector. Daar moeten we trots en zuinig op zijn. Ik werk daar graag aan mee. Door actuele kennis te delen en duidelijk over te brengen, kunnen we echte stappen zetten in de verduurzaming. Samen zorgen we dat ook in de toekomst iedereen betaalbaar en goed kan wonen.’
Dyon Noy is al ruim veertig jaar actief binnen de sociale huursector. Als oprichter van Atriensis en met zijn jarenlange ervaring in de sector kent hij de wereld van woningcorporaties als geen ander. Zelf is hij groot voorstander van het delen van kennis om daar samen van te leren. De laatste jaren houdt Dyon zich vooral bezig met advisering over het aardgasvrij maken van hele wijken en buurten. De kennis en praktijkervaringen die hij hierbij heeft opgedaan, brengt hij graag met passie en enthousiasme over.
Dyon Noy: ‘Werken in de sociale huursector is en blijft het mooiste wat er is. Comfortabele en betaalbare woningen realiseren voor huurders. Echter, lopen woningcorporaties en ketenpartners tegen ontzettend veel uitdagingen aan. Vanuit Atriensis delen wij graag onze kennis en expertise om die uitdagingen aan te gaan en te werken aan oplossingen.’
Tijdens de inspirerende en interactieve kennisbijeenkomst op donderdag 28 maart 2024 van 15.00 tot 17.00 uur staat de enorme uitdaging op financieel vlak centraal. Hierbij komen verschillende invalshoeken aan bod. Zo belicht Reynt Sluis, coördinerend specialistisch adviseur, het perspectief van de Autoriteit woningcorporaties: de toezichthouder van de sector. Diana de Koning, MT-lid bij het WSW, gaat op de uitdagingen van de sector in vanuit het perspectief van de ‘borger’ van de corporatiefinanciering. Victor Burger, partner bij sectorspecialist Finance Ideas, deelt zijn uitgesproken opvattingen over de opgaven van corporaties versus de financiële polsstok. Alle inleiders gaan afzonderlijk, met elkaar en ook met de deelnemers op een drietal vragen in:
Hoe zorg je voor een duurzaam prestatiemodel voor de verduurzamingsopgave? Kosten zijn fors gestegen, veel verduurzamingsmaatregelen leiden tot extra exploitatielasten en er zijn praktisch geen mogelijkheden voor extra inkomsten
Hoe zorg je voor flexibiliteit tussen de verschillende Nationale Prestatieafspraken onderling? Prognoses komen blijkens de Staat van de corporatiesector 2023 te vaak niet uit. Tegenvallers bij sommige opgaven die tot versnelling leiden bij andere opgaven
Hoe zorg je voor optimale lokale samenwerking rondom de verduurzamingsopgave? Hoe kan lokale samenwerking tot meer resultaat rondom de verduurzamingsopgave leiden? De betekenis van de IBW en de lokale prestatieafspraken
n.t.b.