Duurzame energie: outsourcing of zelf doen?

Eerste stap op de lange weg naar energieneutraal woningbezit is grondige schilisolatie. Deze fase is rond 2020 gereed. Een groen energielabel voor de hele bestaande voorraad. De tweede stap komt op dat moment volop in beeld. Vervanging van fossiele brandstoffen door duurzame energie voor de resterende warmtevraag. Op veel plaatsen in den lande vinden nu al relatief kleinschalige vingeroefeningen met duurzame energie plaats. Zowel in nieuwbouw als in de bestaande voorraad. Wat opvalt, is nadruk van corporaties op techniek. Daarbij doen de meeste corporaties alles zelf. Zij zijn zowel opdrachtgever, investeerder als exploitant. En dat als volstrekte groentjes op het gebied van levering van met duurzame energie geproduceerde warmte. Ten onrechte beschouwen corporaties duurzame energie als een exclusief vastgoedvraagstuk. Een terrein waar men zichzelf veel expertise toedicht. Op veel plaatsen betalen corporaties inmiddels de tol. Onderschatting van de complexiteit van het vraagstuk.

Drie rollen

Er zijn drie rollen: opdrachtgever, investeerder en exploitant (zie ook presentatie voor Eneco 7 december 2010). De eerste rol van opdrachtgever omvat het initiatief. Deze rol is corporaties op het lijf geschreven. Het handelt natuurlijk om het eigen corporatiebezit. De regisseursrol als het gaat om wooncomfort. Toezicht op goede dienstverlening door externe partijen en scherpe tarieven vanuit woonlastenperspectief richting huurders. De tweede rol van investeerder omvat de verantwoordelijkheid voor investering en financiële exploitatie met daarbij behorende risico’s. Zelf doen impliceert beslag op investeringscapaciteit en een hoger risicoprofiel. Wenselijk? Veel corporaties lopen momenteel tegen grenzen van hun leencapaciteit aan. De derde en laatste rol, exploitant, omvat de verantwoordelijkheid voor ontwerp, realisatie en beheer van installaties en levering van warmte en soms koude aan gebruikers.



Kiezen

Welke rolopvatting sluit het beste aan? Corporaties moeten hiervoor strategische en goed onderbouwde keuzen maken. Zo ligt het opdrachtgeverschap voor de hand. Tenzij het handelt om woningbouw in gebieden met stadsverwarming. Hier is de energievoorziening al opgelegd. De keuze voor de rol van investeer roept al meer vragen op. Wel of geen beslag op investeringscapaciteit? Het aangaan van exploitatierisico’s? Tot op heden is het aantal rendabele duurzame installaties van corporaties helaas verwaarloosbaar. Daarvoor moeten met name de energietarieven nog fors stijgen. Ook de warmtevraag vanuit de aangesloten woningen is erg bepalend. De meer vakinhoudelijke rol van exploitant vereist schaalgrootte en kwalitatief hoogwaardige bedrijfsvoering. Investeren in kennis is cruciaal. Continuïteit is vereist voor langere termijn. Keuze voor deze rol mag niet gebaseerd zijn op ambities van individuele corporatiemedewerkers. Onderbouwde meerwaarde ten opzichte van marktpartijen is de basis voor deze keuze.